Fiscaal (straf)recht

Fiscaal strafrecht

Bij fiscaal strafrecht gaat het om overtredingen van de belastingwetgeving zoals de Wet op de Venootschapsbelasting (VpB), de Wet op de Omzetbelasting (BTW), de Wet op de Inkomstenbelasting (IB), de Wet op de Dividendbelasting, deWet op de Loonbelasting en bijvoorbeeld de Wet op de Kansspelbelasting. Veelal wordt de betrokkene ervan verdacht een onjuiste belastingaangifte te hebben gedaan. Het kan dan gaan om bijvoorbeeld het niet opgeven van bepaalde inkomsten of vermogen, een carrouselfraude (btw-carrousel) of fraude met onjuiste fiscale aftrekposten.

 

Fiscale procedures

Correctie aanslagen kunnen worden aangevochten in gerechtelijke procedures bij de bestuursrechter. Tegen de aanslag dient eerst een bezwaar te worden ingediend bij de Belastingdienst zelf. Tegen de uitspraak op bezwaar staat beroep bij de rechtbank open en tegen beroep bij de rechtbank staat weer hoger beroep bij het Hof open. De laatste instantie is de Hoge Raad. Eventueel kan ook nog naar het Europese Hof van de Rechten van de Mens worden gegaan indien de belastingaanslag een inbreuk vormt op de mensenrechten.